Rapenburgerstraat 123
Postbus 2975
1000 CZ Amsterdam
T 020 551 29 18 info@devrm.nl


Asscher-Vonk voorzitter nieuwe Museumvereniging

19-11-2013 Asscher-Vonk is enthousiast over haar benoeming: “Ik ben vereerd dat ik gekozen ben omdat musea zo belangrijk zijn voor de samenleving. Ik verheug mij er op mij met mijn collega's en de musea in te zetten om die bijdrage nog zichtbaarder te maken.”

Eerder was Asscher-Vonk voorzitter van de commissies die de rapporten Musea voor Morgen en Proeven van Partnerschap publiceerden over samenwerking in de museumsector. In het eerste rapport riep zij de verenigingen op te fuseren. De partijen namen het advies ter harte en spraken in het najaar van 2012 de wens uit samen verder te gaan als één krachtige brancheorganisatie.

Naast Irene Asscher-Vonk bestaat het bestuur vanaf 1 januari uit:
Ewoud Goudswaard, directeur ASN bank (penningmeester)
Erik van Ginkel, zakelijk directeur Rijksmuseum Amsterdam
Marjan Scharloo, directeur Teylers Museum in Haarlem
Hedwig Saam, directeur Museum voor Moderne Kunst en Historisch Museum Arnhem
Adrie Warmenhoven, directeur Koninklijk Eise Eisinga Planetarium in Franeker
Paul van Vlijmen, directeur Spoorwegmuseum Utrecht

Journalisten kunnen voor meer informatie contact opnemen met: Janneke van Hardeveld, persvoorlichting
T 06-41207403
E jvanhardeveld@museumvereniging.nl


Museumsector bruist van samenwerkingsinitiatieven

2-10-2013 Naast 150 inspirerende voorbeelden bevat Proeven van Partnerschap criteria voor duurzame samenwerking. Tot 2017 stelt Minister Bussemaker 2 miljoen euro per jaar beschikbaar om musea te belonen voor meer samenwerking. De criteria hiervoor worden samen met de museumverenigingen en het Mondriaan Fonds uitgewerkt.

Volgens Asscher-Vonk zijn musea op de goede weg. Een goed voorbeeld is het Textiemuseum in Tilburg dat het TextielLab opzette. Het museum werkt hiervoor samen met verschillende bedrijven voor de ontwikkeling van kleinschalige, hoogwaardige producten. Ook weten musea elkaar steeds vaker te vinden en doen zij gezamenlijke aankopen. Zoals het Centraal Museum in Utrecht en Museum Boijmans van Beunigen in Rotterdam, die samen een werk van de Thomas Huber aankochten. Asscher-Vonk rekent erop dat de voorbeelden in het rapport navolging krijgen.
De directeuren van de museumverenigingen zijn trots op de manier waarop musea zich hebben ingezet. Zij benadrukken dat het rapport een belangrijke tussenstap is, maar dat het werk nog niet is gedaan. De verenigingen presenteren in oktober 2014 de resultaten aan minister Bussemaker.
Proeven van partnerschap is een vervolg op het rapport Musea voor Morgen dat een jaar geleden verscheen onder leiding van Asscher-Vonk. Daarin stond het advies dat musea meer samen moeten werken.

Over de stuurgroep Asscher-Vonk II
De stuurgroep stond onder voorzitterschap van Irene Asscher-Vonk (emeritus hoogleraar sociaal recht Radboud Universiteit) en bestond uit Pieter Geelen (directeur TomTom en oprichter van de Turing Foundation) en Manfred Sellink (directeur Brugse Musea). Claartje Bunnik (Bunnik Beleid en Advies) was secretaris.
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Noot voor de redactie, niet voor publicatie:

Het volledige rapport lezen  

Voor meer informatie:

Nederlandse Museumvereniging
Janneke van Hardeveld, persvoorlichting
T 020–551 29 00 of 06-41207403
E jvanhardeveld@museumvereniging.nl




Museumverenigingen positief over Museumbrief

13-6-2013 De Nederlandse Museumvereniging en de Vereniging van Rijksmusea zijn positief over de museumbrief van minister Bussemaker.

‘Dit voelt als een steun in de rug bij onze inzet voor samenwerking in de museumsector.’

De museumbrief ‘Samen werken, samen sterker’ die de minister vandaag naar de Tweede Kamer stuurde, is met veel instemming ontvangen door de Nederlandse Museumvereniging en de Vereniging van Rijksmusea. “Wij zijn verheugd met de toon en de inhoud van de brief. De minister erkent de inspanningen die de musea reeds verrichten en tegelijk schetst zij een aantal reële uitdagingen die wij graag samen aangaan.” aldus Siebe Weide, directeur van de Nederlandse Museumvereniging. Toine Berbers, directeur Vereniging van Rijksmusea: “De minister kiest ervoor om zich te richten op resultaten, zonder direct te willen sturen op de wijze waarop die worden bereikt. Hiermee legt ze terecht de verantwoordelijk bij de musea, in het vertrouwen dat die zich richten op samenwerking, educatie en het bereiken van nieuw publiek.”

Dat de minister samenwerking financieel wil stimuleren, is een zeer welkome ondersteuning. Weide: “In oktober 2012 hebben we breedgedragen het initiatief genomen om de samenwerking tussen musea te bevorderen. Deze financiële stimulans zal werken als katalysator en we verwachten de komende tijd dan ook meer samenwerking te zullen zien ontstaan. Maar samenwerking gaat niet alleen over musea onderling. Met plezier zal de Nederlandse Museumvereniging daarom ook meedenken met het bevorderen van de samenwerking tussen bijvoorbeeld musea en scholen.”

Beide museumverenigingen verwelkomen het voorstel van een Erfgoedwet met daarin een museumparagraaf over behoud en beheer van collecties. De Nederlandse Museumvereniging werkt reeds aan een herziening van de Leidraad Afstoten Museale Collecties (LAMO) waarin wordt nagedacht over de beschermwaardigheid van erfgoed binnen een bepaalde kerncollectie.

In de museumbrief spreekt de minister ook de waardering uit voor de fusie tussen de Nederlandse Museumvereniging en de Vereniging van Rijksmusea tot één museumvereniging. Deze fusie is uiterlijk 1 januari 2014 afgerond.

Download de museumbrief

Voor meer informatie kunnen journalisten contact opnemen met Janneke van Hardeveld, T 06-41207403 of 020-5512900.


Reactie VRM en NMV op het Rapport Ontgrenzen en Verbinden Raad voor Cultuur.

31-1-2013 In oktober 2012 besloten musea al tot intensieve samenwerking. Weide: “De Raad voor Cultuur steunt met zijn advies dit initiatief van de sector. In het rapport staan voorbeelden die wij nader kunnen bestuderen. Eenheid in beleid van diverse overheden, zoals de raad voorstelt, is voor het slagen in elk geval van groot belang.” De verenigingen gaan graag met de minister verder in gesprek over samenwerking in het museumbestel.

Beide museumverenigingen prijzen het voorstel van de raad voor een Erfgoedwet met daarin een museumparagraaf over behoud en beheer van collecties. De Museumvereniging werkt reeds aan een herziening van de Leidraad Afstoten Museale Collecties (LAMO) waarin wordt nagedacht over de beschermwaardigheid van erfgoed binnen een bepaalde kerncollectie.

Lees hier het advies van de Raad voor Cultuur.



Museumcijfers 2011 gepubliceerd

9-1-2013 Voor het eerst zijn de in Museana verzamelde gegevens opgenomen in een handzame publicatie, die vanaf nu ieder jaar zal verschijnen. Zo wordt duidelijk dat in 2011:
- Musea in verhouding veel geld haalden uit de particuliere sector;
- De eigen inkomsten van de musea in totaal groter waren dan de afzonderlijke bijdragen van het Rijk, de gemeenten of de provincies;
- Van alle medewerkers in musea 62% vrijwilliger was;
- Het percentage bezoek uit het buitenland 27 % was;
- Ruim 95% van alle musea een educatief aanbod had.

Een kleine 250 musea hebben hun kerngegevens over 2011 opgeslagen in de gegevensbank van Museana. Deze zijn geëxtrapoleerd naar de totale onderzoeksgroep van 422 musea. Met dank aan alle musea die deelnamen in Museana.

Het volledige rapport Museumcijfers 2011vindt u hier.

Bekijk ook het korte presentatiefilmpje over Museumcijfers 2011:

Museumcijfers Museana 2011 from Nederlandse Museumvereniging on Vimeo.



Eerste visitatierapporten nieuwe stijl verschenen

20-12-2012 Met genoegen laten wij weten dat de visitatierapporten van Rijksmuseum Volkenkunde, het Muiderslot, Slot Loevestein en Museum Catharijneconvent zijn verschenen. Deze rapporten zijn in te zien via onze website.


Bedreigde musea blijven open

20-12-2012 Voor de vier bedreigde musea betekent dit:

1. Slot Loevestein: Bussemaker rekende voor dat er in de vergoeding voor collectiebeheer voldoende ruimte zit om het slot open te houden, omdat slechts een fractie van het hiervoor geoormerkte bedrag daadwerkelijk nodig is om de collectie op peil te houden. Daarnaast trekt Loevestein veel bezoekers. Ze vroeg lokale overheden van een bedrag dat bijeen wordt gebracht voor infrastructurele verbeteringen en voor landschap en water een deel aan het slot te geven.
2. Bij Huis Doorn citeerde Bussemaker de passage in het raadsadvies over het gebrek aan binding met de Nederlandse geschiedenis. Ze zei ook dat het museum te weinig doet met de Eerste Wereldoorlog. Ze constateerde een laag bezoekersaantal en een goede verhouding eigen inkomsten. Ze bood subsidie aan op projectbasis. Huis Doorn moet met een kwalitatief goed plan komen, waarin de Eerste Wereldoorlog een vooraanstaande plaats inneemt en waarin samenwerking met andere musea wordt gezocht (onder meer door kunst uit hun depots te lenen). De minister zei tot twee maal toe dat het plan streng zal worden beoordeeld.
3. Bij Twenthe is het volgens haar duidelijk dat met het wegvallen van de exploitatiesubsidie de collectie niet langer zichtbaar zou blijven. Daarin verschilt het museum van Loevestein: met alleen het bedrag voor behoud en beheer kan het niet openblijven. Twenthe zegt hiervoor minimaal 570.000 euro nodig te hebben. Bussemaker zegt dat ze zelf de collectie de moeite waard vindt, maar citeert ook de Raad voor Cultuur die de collectie niet van nationaal belang beoordeelt. Ze vindt het jammer als de kunst niet langer toegankelijk is voor het publiek: ‘ik hecht aan openstelling’. Na enig technisch geharrewar met de Kamer wordt besloten voor komend haar 432.000 euro beschikbaar te stellen op voorwaarde dat provincie en gemeente er 138.000 euro bij leggen. Dit geld wordt gevonden in het niet juridisch belegde deel van de apparaatskosten van het budget. De overige drie jaar zal het geld moeten komen uit de frictiepot.
4. Over het Geldmuseum zegt Bussemaker dat het in 2013 is geholpen met bijdragen van Financiën en De Nederlandsche Bank. Ze constateert dat het Geldmuseum ook over de toekomst nadenkt en gaat ervan uit dat er voor de jaren na 2013 een goed plan komt, waarbij deze financiers betrokken blijven.
5. De forse kortingen (25 procent) op het Letterkundig Museum en Meermanno blijven van kracht. De minister meldt dat de musea hebben aangegeven de eerste helft 2013 met een fusieplan te komen en dat ze hiervoor een procesbegeleider in de arm hebben genomen.



Steven Engelsman, oud-directeur Rijksmuseum Volkenkunde, geridderd

4-12-2012 Op vrijdag 30 november jl. is Dr. Steven Engelsman benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. Hij ontving de Koninklijke onderscheiding uit handen van Henri Lenferink, burgemeester van Leiden in Rijksmuseum Volkenkunde waarvan hij tot jongstleden april twintig jaar algemeen directeur was. Engelsman kreeg zijn onderscheiding onder meer voor zijn bijzondere rol in het opzetten en bestendigen van internationale museale samenwerkingsverbanden op het gebied van kennisuitwisseling.

Een complete verrassing
“Dit is echt een complete verrassing!”, sprak een vergulde Steven Engelsman, nadat hij door Henri Lenferink, burgemeester van Leiden, benoemd was tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. Lenferink prees Engelsmans kwaliteiten op het gebied van internationaal netwerken en zijn verdienste als initiator van vele museale samenwerkingsverbanden. Hij benoemde onder andere Engelsmans positieve rol in de relatie tussen Leiden en Japan. Diens innemende persoonlijkheid en de manier waarop Engelsman gedurende zijn directeurschap van Rijksmuseum Volkenkunde een ieder zonder vooroordelen tegemoet trad, hadden hierbij een grote rol gespeeld, aldus burgemeester Lenferink.

Bevlogen directeur
In 1990 wordt Engelsman, destijds adjunct-directeur van Museum Boerhaave, gevraagd als algemeen directeur van het Rijksmuseum Volkenkunde. Hij grijpt deze uitdaging met beide handen en met succes aan. Hij geeft leiding aan een grondige verbouwing en richt het museum compleet opnieuw in. Rijksmuseum Volkenkunde groeit onder zijn directeurschap uit tot een museale speler van wereldformaat. Tijdens zijn loopbaan bij RMV boekte Engelsman grote successen. Onder andere met de tentoonstelling MAORI; een project dat niet slechts óver de Maori ging maar juist in samenwerking mét de Maori gemaakt werd. Deze not about them without them gedachte is inmiddels een leidraad bij de publieks- en onderzoeksactiviteiten van Rijksmuseum Volkenkunde. In april 2012 maakt Engelsman de overstap naar het Museum für Völkerkünde in Wenen waar hij sindsdien directeur is.

Strategische bruggenbouwer
Engelsman staat binnen de museale wereld bekend als een betrokken en strategisch netwerker. Hij is (mede)oprichter van Museumgroep Leiden en de Stichting Volkenkundige Collectie Nederland (SVCN). Als bindende factor tussen de Europese Volkenkundige Musea was hij medeverantwoordelijk voor de totstandkoming van de Ethnographic European Museum Directors Group (EEMDG) en daaruit voortkomend het Réseau International des Musées d'Ethnographie (RIME). Zijn rol als katalysator en initiatiefnemer bij het opzetten van het Asia-Europe Museum Netwerk (ASEMUS) en de Virtual Collection of Masterpieces (VCM) heeft intensieve internationale samenwerking, zowel digitaal als fysiek mogelijk gemaakt. Ook binnen de Vereniging Rijksgesubsidieerde Musea (VRM) en de Nederlandse Museum Vereniging (NMV) was hij buitengewoon actief.


Persbericht: Musea gaan nauw samenwerken

22-10-2012 Persbericht
Amsterdam, 22 oktober 2012

Musea gaan nauw samenwerken
Verenigingen onderschrijven advies Commissie Asscher-Vonk

Musea kunnen het publiek beter bedienen door verregaande samenwerking. Dit advies staat in het rapport “Musea voor Morgen”, opgesteld door een commissie onder leiding van prof. mr. Irene Asscher-Vonk, in opdracht van de Vereniging van Rijksmusea (VRM) en de Nederlandse Museumvereniging. Beide verenigingen reageerden positief op het advies, zo bleek maandag op hun ledenvergaderingen. De leden willen snelle en concrete resultaten. Siebe Weide, directeur van de Nederlandse Museumvereniging is verheugd: “Musea zijn ervan doordrongen dat samenwerken moet”. Ook Toine Berbers, directeur van de VRM is tevreden: “Met dit krachtige advies nemen de musea hun toekomst in eigen hand.” De VRM en de Museumvereniging starten de samenwerking meteen.

De musea kunnen collectiebeleid, onderzoek, bruiklenen en tentoonstellingen meer op elkaar afstemmen. Net als in de organisatie van musea zelf, van collectieve inkoop of gedeeld werkgeverschap tot volledige fusie. De commissie roept musea op actief te zoeken naar samenwerkingspartners, zowel in als buiten de museale wereld. “Musea vertegenwoordigen een grote maatschappelijke waarde; die waarde is in het geding. Er is meer oog nodig voor samenwerking en synergie, in het belang van het publiek en de samenleving”, aldus Asscher-Vonk. Om samenwerking mogelijk te maken vraagt de commissie overheden musea een stabiele basis te geven en rust te garanderen voor een langere periode.
De commissie vindt ook dat er een debat moet komen over de toekomst van de musea met alle belanghebbenden: publiek, overheden, politiek, maatschappelijke instellingen, bedrijfsleven en de musea zelf. Dat moet gaan over de functie van het museum in de samenleving en in samenhang daarmee over de inrichting van het museumveld. Het publiek moet daarbij centraal staan. Asscher-Vonk: “Musea moeten zich opnieuw bezinnen op de wijze waarop zij meer gezamenlijk, als branche, minder vrijblijvend kunnen opereren. Alleen dan kan waarde van musea voor de samenleving geborgd blijven.”
Aanleiding voor de opdracht van beide verenigingen was het op 21 mei 2012 verschenen advies van de Raad voor Cultuur. Na aankondiging van de omvangrijke Rijksbezuinigingen op cultuur in 2011 was dit advies voor veel Rijksmusea de eerste voorbode van een toekomst van minder overheidssubsidie of zelfs sluiting. In provincies en gemeenten spelen onder druk van bezuinigingen vergelijkbare ontwikkelingen; enkele musea zijn helaas al gesloten.
De commissie stond onder voorzitterschap van Irene Asscher-Vonk (emeritus hoogleraar sociaal recht Radboud Universiteit) en bestond uit Maarten Doorman (filosoof, hoogleraar Journalistieke Kritiek van Kunst en Cultuur UvA, Universiteit Maastricht), Sjarel Ex (Museum Boijmans Van Beuningen), Edwin van Huis (Naturalis Biodiversity Center), Kees van der Meiden (TwentseWelle), Wim Pijbes (Rijksmuseum), Axel Rüger (Van Gogh Museum), Marjan Scharloo (Teylers Museum), Manfred Sellink (Musea Brugge) en Benno Tempel (Gemeentemuseum Den Haag). Toine Berbers (VRM) en Siebe Weide (Nederlandse Museumvereniging) woonden de vergaderingen bij als toehoorder. Claartje Bunnik (Bunnik Beleid en Advies) was secretaris.
-------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Noot voor de redactie, niet voor publicatie:

Het volledige rapport is te lezen op www.museumvereniging.nl (en is ook te vinden via 'publicaties' op deze site).

Voor meer informatie:

Nederlandse Museumvereniging
Janneke van Hardeveld, persvoorlichting
T 020–551 29 00 of 06-41207403
E jvanhardeveld@museumvereniging.nl




Sluiting vier rijksmusea dreigt

19-9-2012
Subsidiekortingen in de dinsdag gepresenteerde cultuurnota bedreigen vier rijksmusea in hun voortbestaan. Dit is het gevolg van het besluit van staatsecretaris Zijlstra van cultuur om bij deze vier musea het expositiebudget weg te halen. Het kan ertoe leiden dat het Rijksmuseum Twenthe, het Geldmuseum, Huis Doorn en Slot Loevestein hun deuren vanaf 2013 moeten sluiten.

Vereniging van Rijksmusea (VRM) en de Nederlandse Museumvereniging (NMV) wijzen voorbarige sluitingen van rijksmusea af. De staatssecretaris heeft aangekondigd het hele stelsel van rijksmusea opnieuw tegen het licht te houden. Hij zegt hiertoe de beheersovereenkomsten per 2017 op en hij heeft de Raad voor Cultuur om advies gevraagd. Dit advies wordt tegen het einde van dit jaar verwacht. NMV en VRM vinden het ongepast om vooruitlopend hierop nu al een voorschot te nemen en vier musea zo te korten dat ze geen kans meer hebben als het hele stelsel aan de orde komt.

Het is ook vreemd, zo vinden de twee verenigingen, dat de staatssecretaris het besluit tot zo’n dodelijke korting neemt, terwijl een door hem zelf ingestelde visitatiecommissie vorig jaar nog met lovende rapporten kwam over deze vier musea. VRM en NMV rekenen erop dat de Tweede Kamer deze voorbarige sluiting zal willen voorkomen. Het levert de schatkist slechts 1,7 miljoen op aan bezuinigingen, terwijl belangrijke collecties niet langer te zien zijn voor het publiek. Het besluit past ook niet in het beleid van de overheid om cultuur over het land te spreiden. Drie van de vier getroffen musea liggen in de regio.